Instructie: Kies per vraag het beste antwoord. Het correcte antwoord is aangeduid met een vinkje. Onder elke vraag vind je een toelichting.
Deel 1 — Begrip en structuur
- A) Een financieel overzicht van kosten en opbrengsten
- B) Een hulpmiddel om sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen van een bedrijf, project of idee in kaart te brengen
- C) Een wettelijk verplicht document bij de oprichting van een bedrijf
- D) Een marketingtool om klanten te overtuigen
Een SWOT-analyse helpt om bewust keuzes te maken en risico's en mogelijkheden te herkennen. Het is een denkkader, geen oplossing op zich.
- A) Sales, Workforce, Operations, Targets
- B) Strategy, Wealth, Outlook, Timing
- C) Strengths, Weaknesses, Opportunities, Threats
- D) Systems, Workflows, Objectives, Techniques
Strengths (sterktes), Weaknesses (zwaktes), Opportunities (kansen), Threats (bedreigingen). De eerste twee zijn intern, de laatste twee zijn extern.
- A) Interne factoren gaan over klanten, externe over leveranciers
- B) Interne factoren (S en W) zijn zaken waar je zelf invloed op hebt; externe factoren (O en T) zijn zaken waar je weinig of geen controle over hebt
- C) Interne factoren zijn positief, externe factoren zijn negatief
- D) Er is geen verschil — alle factoren zijn even controleerbaar
Sterktes en zwaktes zijn intern: je kunt ze beinvloeden (bv. personeel opleiden, processen verbeteren). Kansen en bedreigingen zijn extern: ze komen van buitenaf (bv. marktgroei, nieuwe wetgeving). Dit onderscheid is fundamenteel voor de analyse.
- A) Een denkkader om betere beslissingen te nemen
- B) Een overzicht van interne en externe factoren
- C) Een garantie op succes of een kant-en-klare oplossing
- D) Een hulpmiddel om kansen te grijpen
Een SWOT is geen lijstje zonder nadenken, geen garantie op succes en geen oplossing op zich. Het is wel een denkkader. Een goede SWOT-analyse is eerlijk, concreet en realistisch — niet een "alles gaat goed"-verhaal.
- A) Uitsluitend om investeerders te overtuigen
- B) Om wettelijke verplichtingen na te komen
- C) Om een situatie overzichtelijk te maken, sterke punten te benutten, zwakke punten aan te pakken, kansen te grijpen en bedreigingen voor te zijn
- D) Om de boekhouding te vereenvoudigen
De SWOT helpt bij elk van deze vijf doelen. Het gaat erom dat je een helder beeld krijgt van waar je staat (intern) en wat er op je afkomt (extern), zodat je bewuste strategische keuzes kunt maken.
Deel 2 — Intern of extern? S, W, O of T?
- A) Strength (sterkte) — intern
- B) Opportunity (kans) — extern
- C) Weakness (zwakte) — intern
- D) Threat (bedreiging) — extern
Ervaring en reputatie zijn zaken die het bedrijf zelf heeft opgebouwd — dat zijn interne voordelen. Voorbeelden van sterktes: expertise, ervaring, sterke service, goede locatie, betrouwbare processen.
- A) Strength — intern
- B) Threat — extern
- C) Weakness (zwakte) — intern
- D) Opportunity — extern
Afhankelijkheid van een klant is een intern aandachtspunt — het bedrijf kiest zelf (of laat toe) dat het klantenbestand zo geconcentreerd is. Voorbeelden van zwaktes: hoge kosten, gebrek aan personeel, beperkte capaciteit, afhankelijkheid van een klant.
- A) Strength — intern
- B) Opportunity (kans) — extern
- C) Weakness — intern
- D) Threat — extern
Subsidies en steunmaatregelen zijn externe factoren waar het bedrijf geen controle over heeft, maar die het wel kan benutten. Andere voorbeelden van kansen: groeiende markt, nieuwe technologie, veranderende klantbehoeften.
- A) Weakness — intern
- B) Opportunity — extern
- C) Strength — intern
- D) Threat (bedreiging) — extern
Concurrentie is een externe factor waar je geen directe controle over hebt. Voorbeelden van bedreigingen: sterke concurrentie, stijgende kosten, strengere wetgeving, economische onzekerheid. Je kunt er wel op anticiperen via je strategie.
- A) Strength — want het bedrijf kan hierop inspelen
- B) Opportunity (kans) — extern
- C) Threat — want de concurrentie groeit ook
- D) Weakness — want het bedrijf is hier nog niet actief
Marktgroei is een externe, positieve factor — een kans. Let op: het feit dat het bedrijf er nog niet actief in is, zou een zwakte kunnen zijn, maar de marktgroei zelf is een kans. In een SWOT is het belangrijk om het juiste onderscheid te maken.
Deel 3 — Inzicht en toepassing
- A) Er is geen probleem — het bedrijf heeft blijkbaar geen zwaktes
- B) Het bedrijf moet meer personeel inhuren om zwaktes te vinden
- C) De analyse is niet eerlijk en realistisch — een goede SWOT erkent ook zwakke punten en risico's, anders is het een marketingbrochure
- D) Zwaktes en bedreigingen zijn optioneel in een SWOT
Een goede SWOT-analyse is eerlijk, concreet en realistisch. Wie alleen sterktes en kansen opschrijft, mist het hele punt: juist door zwaktes en bedreigingen te erkennen kun je er iets aan doen. Een SWOT is geen "alles loopt perfect"-verhaal.
- A) Nee, elke factor past in precies een vakje
- B) Ja — bijvoorbeeld: nieuwe technologie is een kans als je erin investeert, maar een bedreiging als je concurrent het eerst doet
- C) Nee, kansen zijn altijd positief en bedreigingen altijd negatief
- D) Alleen interne factoren kunnen dubbelzinnig zijn
In de praktijk kan dezelfde externe ontwikkeling (bv. nieuwe technologie, veranderende wetgeving, markttrend) zowel een kans als een bedreiging zijn, afhankelijk van hoe het bedrijf erop reageert. Dit maakt strategisch denken zo belangrijk.
- A) De prijzen verlagen tot onder die van de concurrent
- B) De sterkte (modern wagenpark) inzetten om de kans (duurzame levering) te benutten en je zo te onderscheiden van de concurrent
- C) Het wagenpark verkopen om de hoge kosten te verlagen
- D) Wachten tot de concurrent ook moet vergroenen
De kracht van een SWOT zit in het combineren: gebruik je sterktes om kansen te grijpen, pak je zwaktes aan om bedreigingen te neutraliseren. Hier kan het bedrijf zijn modern wagenpark (S) inzetten om in te spelen op de vraag naar duurzame levering (O), wat een concurrentievoordeel oplevert tegenover de goedkopere concurrent (T).
- A) PESTEL vervangt de SWOT volledig
- B) SWOT is voor grote bedrijven, PESTEL voor kleine
- C) De externe factoren (O en T) in een SWOT komen rechtstreeks voort uit een PESTEL-analyse
- D) PESTEL analyseert interne factoren, SWOT de externe
PESTEL brengt de externe omgeving in kaart (politiek, economisch, sociaal, technologisch, ecologisch, juridisch). Die externe factoren worden vervolgens in de SWOT vertaald als kansen (O) of bedreigingen (T). De interne factoren (S en W) komen uit de eigen bedrijfsanalyse.
- A) Dat ze zo lang mogelijk is, met zo veel mogelijk punten
- B) Dat ze alleen de sterktes benadrukt
- C) Dat ze door een extern bureau wordt opgesteld
- D) Dat ze eerlijk, concreet en realistisch is — met echte zwaktes en bedreigingen, niet alleen mooie woorden
Een SWOT die niet eerlijk is, is waardeloos. De waarde zit in het durven benoemen van echte zwaktes en bedreigingen. Pas dan kun je er strategisch op inspelen. Een te lange lijst zonder prioriteiten is even nutteloos als een te korte zonder diepgang.
Scoretabel: 14-15 uitstekend | 11-13 goed | 8-10 voldoende | 5-7 onvoldoende | 0-4 herkansing
Score: ___ / 15